Stilte

20140817_085916

Vandaag is de laatste dag. Ik had nog wel een week langer willen blijven. Het is hier zo mooi. Vanmorgen werd ik om negen uur wakker en keek uit het raampje van de tent, we slapen in een Tipi tent, een soort indianentent. De zon scheen heerlijk over het gras. Druppeltjes dauw houden zich nog vast aan de grassprietjes, maar zullen het snel verliezen van de warmte van de zon.

Plassen:

Snel doe ik een broek en trui aan, want het is na een nacht op 850 meter hoogte nog best fris. En dan…gas erop. Snel de rits van de tent open en in een, voor mij vrij onbekende, snelle pas naar het houten toilethuisje. (Dat klinkt wel erg primitief zoals ik het nu zeg, maar het is een mooi, vrij nieuwe huisje met moderne toiletten en altijd blinkend schoon.) Iedere ochtend is het hetzelfde hier en zelfs twee keer rond drie uur ’s nachts. Dan moet je plassen maar wil je het liefst je lekkere warme bedje niet uit. Nog heeeeeel even blijven liggen. En dan als het echt niet anders gaat, dan moet je snel zijn. 150 meter snelwandelen voor beginners. Als je dan in het wchokje staat weet je niet hoe snel je moet gaan zitten. Broek omlaag,…uh… en deur op slot natuurlijk.

Blauw:

Deze morgen is de lucht strak blauw, niet licht blauw, maar een echte indrukwekkende mooie blauwe kleur. Het wordt een mooie dag. De mooiste van deze week vakantie, dat voel ik aan alles. Na een uurtje komen er wat hele kleine wolkjes aandrijven, maar die maken voor ze voor de zon zouden komen een flauw bochtje naar links of rechts en drijven rustig om de zon heen heen. Mijn geluk.

Stil:

Het is hier stil, rustig en heel mooi. In de verte hoor ik 2 bellen rinkelen die om de nek hangen van de geiten van de camping. Carolientje en Kokkie lopen los over de camping en grazen tussen de tenten door. Ook waggelen er 4 kippen het veld op en neer op zoek naar wormen en af en toe wat brood dat ze van de gasten krijgen. Dan hoor je nog krekels tussen de varens en lopen er witte koeien in de wei aan de andere kant van het weggetje. Dit is dus rust.

La Cube:

Samen met mijn moeder ben ik een weekje op camping La Cube in Le Brugeron in Frankrijk. De camping is van Marcel en Marion die acht jaar geleden van uit Maarheeze zijn verhuisd naar Le Brugeron en hier een mini camping zijn begonnen. Wat een mooie stek hebben ze hier gevonden en hoe heerlijk is het om te zien dat alle gasten hier tot rust komen.

Kinderen:

Toen we besloten om hier heen te gaan dacht ik dat er weinig kinderen zouden zijn. Heerlijk, een kinderloze camping, dacht ik nog. Waarom ik dat dacht, nou ja simpel, geen zwembad, geen speeltuin, geen animatieteam, geen kinderclubje helemaal niks van dat alles.

Nou, hoe een mens zich kan vergissen. Op 1 andere tent na waren alle gasten gezinnen. En een lol dat ze hadden. Allereerst natuurlijk met de dieren. In twee hokken nog konijnen, Layka de hond die rond loopt en overal een knuffel gaat halen bij de kinderen. Dan natuurlijk de geiten en de kippen nog. Binnen no time vinden de kinderen elkaar en wordt er de hele dag gespeeld en hard gehuild als ze met hun ouders toch echt even mee moeten om naar het dorpje te gaan of inkopen te doen. Ze mogen mee rijden op de tractor met Marcel en er is een avond kampvuur. De kinderen hebben de tijd van hun leven.

Wij:

En wij, “de volwassenen”, zitten in een luie stoel of liggen in het gras met een goed boek. Een buurman tekent, een jonge fietser ligt in zijn hangmat en een ander stippelt de route uit voor morgen en onze tegenover buurvrouw houdt haar kasboek bij in een grafiek. Ja…..

Naar huis:

Morgen gaan we naar huis. Heb ik daar zin in? Nope… Maar dat heb ik nooit na een vakantie. Kom ik hier nog terug? Ja zekers… Hier rust ik uit. Hier hoef je niks. We beslissen in de ochtend pas of en wat we gaan doen en dan kijken we in de loop van de dag wel wanneer. Ik kan me niet voorstellen dat ik ergens anders meer rust vind dan hier.

 Hier kan ik mijn boek afschrijven…als ik tenminste niet zo word afgeleid door de stilte.

http://www.lacube.eu

20140817_103738

Even stil

lucht1

Er is al zoveel over geschreven en zoveel bloggers hebben hun zegje al gedaan. Ik heb gewacht, ik wilde er wel over schrijven, maar ik was de zoveelste al die eigenlijk in grote lijnen weer het zelfde zou schrijven.  Nu, 21 dagen later heb ik nog steeds het gevoel dat ik iets moet schrijven.

Vreselijk:

Maar wat dan, wat ga ik dan schrijven? Hoe erg het is wat er is gebeurd, hoe vreselijk alles is? Hoe veel verdriet al die mensen hebben? Dat heeft iedereen al geschreven en gezegd en ik ben het daar 200% mee eens. Onafgebroken heb ik naar het nieuws zitten kijken of ben ik er op mijn werk mee bezig geweest. De aankomst van de kisten in Eindhoven en de stoet naar Hilversum. Stil en vol ongeloof heb ik ernaar gekeken.  Een passagiersvliegtuig uit de lucht geknald, gewoon.., omdat ze er zin in hadden, denk ik.

Passagiers:

Ik ken niemand die aan boord zat, wel mensen die mensen kenden aan boord. Iemand die zijn neef verloor of een heel bevriend gezin uit de straat. De lerares van hun zoon of de voorzitter van de fietsclub. Iedereen in Nederland kent wel iemand, of iemand die iemand kent die een dierbare heeft verloren.

Eerlijk:

Ik moet iets bekennen. Ik vind het echt vreselijk wat gebeurd is en denk er iedere dag aan. Misschien denken jullie na mijn eerlijkheid dat ik een koude kikker ben en misschien heb ik ook minder gevoel in mijn donder, maar ik voel het verdriet niet. Ik kan heb niet gehuild om hetgeen er is gebeurd. Het staat nog te ver van me af. Ik bedacht me wel hoe het zou zijn als je je kind hebt verloren en dan de vreselijke berichten over de rampplek hoort. Maar ik werd er kwaad van en zou het liefst erheen gaan om te helpen. Om het op te lossen. Om daar boos te worden en ze daar even de waarheid te vertellen.

Vandaag:

Vandaag  voelde ik voor de eerste keer in die 21 dagen het verdriet en de machteloosheid van de nabestaanden. Ik heb gesproken met de vader, de broer en de oom van een van de slachtoffers die met zijn gezin in de MH17 zat. De vader vertelde over zijn zoon, over hun gezin. Mooie herinneringen. Maar ook over de eerste uren na de ramp. De opvang. Hoe het ging met de eerste informatieverstrekking en hoe geweldig defensie alles heeft geregeld met het terugbrengen van de slachtoffers naar Nederland.

Eindhoven:

Iedere dag was ie erbij. Iedere keer als er weer vliegtuigen aankwamen in Eindhoven met nieuwe kisten. Familieleden die hem bijstonden. Iedere keer stond de vader op de vliegbasis, want in iedere kist kon zijn zoon, schoondochter of kleinkinderen liggen.  Ik voelde hun pijn, hun verdriet, hun gemis en hun machteloosheid.

Verhalen:

Hoe mooi zijn verhalen ook zijn en de herinneringen die hij vertelt, in ieder woord voel ik zijn verdriet. Achter iedere punt voel ik de pijn. De broer van het slachtoffer huilt en snottert, maar bevestigt met kleine knikjes en lieve blikken de verhalen van zijn vader. De vader troost zijn zoon.

Dank:

Bij alle drie de heren is de dank groot. Groot naar defensie en groot naar Nederland, al die mensen die mee leven ook al kennen ze hun dierbare niet.

En als ik deze mannen zie, hun pijn en hun tranen, dan moet ik ook slikken, even naar de grond kijken en heb ik ook niks meer te melden.

Dan ben ik stil.